Morgan, naar Henry Frederick Stanley Morgan (1881-1959)
14 maart 2010, 06:00Harry Morgan (later altijd HFS genoemd) werd in 1881 geboren in Morton Jeffries, Herefordshire, op het Engelse platteland. Zijn vader was een gefortuneerde Anglicaanse dominee die er goed mee kon leven dat zijn enige zoon technische interesses had. Die ging in de leer bij de Great Western Railway in Swindon waar hij zich als technisch tekenaar kon bekwamen. Zijn eerste autoritje maakte hij met een Benz van 3pk die hij van een handelaar had gehuurd. Bergopwaarts in het heuvelige Herefordshire ging goed, maar bij het afdalen verloor hij de controle over het stuur. De reparatie van de auto kostte hem al zijn spaarcenten. Met de financiële steun van zijn vader opende hij een garage in het nabijgelegen Malvern Link waar hij alle reparaties uitvoerde en onder meer de merken Wolseley en Darracq verdeelde. Hij zette er zelfs een autobusdienst op. Tot de dag dat hij een Peugeotmotor vastkreeg en daar voor zichzelf een driewielig (twee vooraan, eentje achteraan) autootje construeerde. Dat was eigenlijk de eerste Morgan. Vanaf 1910 kwamen ze op de markt. Vóór de Tweede Wereldoorlog wou 'Morgan' eigenlijk zeggen: driewielig. Want Harry hield aan dit type vast ook lang nadat dit ten dode was opgeschreven. De Morgans waren wel zeer licht en razendsnel, ze verbruikten weinig benzine en de overheidstaks op driewielers was zeer laag. Maar al die verkoopargumenten hielden geen stand toen de prijs van de vierwielers fors daalde: de Austin Seven (vanaf 1922), de vroege Morris Minor (1931) en de Fordjes deden hem de das om. Vanaf 1931 ging hij in het rood en dat zou in de jaren dertig en veertig zou blijven. De welgestelde, oude dominee Morgan had een forse investeringsmaatschappij uitgebouwd die het verlies van het autobedrijfje makkelijk kon dragen. Dat verklaart ook waarom Harry er in slechte tijden toch nog twee Rolls-Royces en een Bentley op nahield of woonde in een huis met 21 slaapkamers. Of dat hij de productie van zijn eerste auto met vier wielen kon uitstellen totdat hij in een heel jaar tijd nog een handvol driewielers verkocht (137 in 1937). De Morgans zijn er trots op dat niemand minder dan Soichiro Honda ooit heeft gezegd: "Binnen afzienbare tijd bestaan in de hele wereld nog zes grote autobedrijven; plus Morgan." Geen enkele autofirma is zo lang, bijna honderd jaar, ononderbroken volledig in handen van één familie gebleven. De Morgans hebben alle oorlogen, depressies en recessies overleefd, alle pogingen tot fusies, overnames en moderniseringen. De Morganauto wordt nog altijd even ambachtelijk vervaardigd als bijna honderd jaar geleden. En nog altijd in het plaatsje Malvern Link. De productie bedraagt vandaag de dag negen auto's per week, 400 tot 500 stuks per jaar, maar dat was dertig jaar geleden ook al zo. De wachttijd bedraagt vijf jaar.
Driewieler
Oorlog
Tegen de tijd dat zijn vierwieler enige bekendheid kreeg, brak de oorlog uit en moest hij zoals alle constructeurs op oorlogsproductie overschakelen. Na de oorlog nam zijn enige zoon Peter (1919-2003) geleidelijk de zaak over. In 1950 verscheen de Plus 4, de typische 'open roadster', de sportauto met twee zitplaatsen en een open dak, die vandaag nog altijd wordt geleverd. De Morgans hebben overigens nooit zelf motoren gemaakt. In recente modellen zoals de Aero 8 of de Roadster, liggen respectievelijk een 4.4 liter BMW-motor (286 pk) en 3.0 liter Ford Duratec V6 (220 pk). Deze keuze wordt nu bepaald door Peters enige zoon Charles (°1951), die sinds de jaren '80 in de firma werkzaam is.
Familiebedrijf











Reacties
geen reacties
Om reacties te lezen of schrijven, moet je ingelogd zijn.
inloggen / registreren